Hof 's-Hertogenbosch 11 september 2009, ECLI:NL:GHSHE:2009:BK5485

Belanghebbende heeft beroep aangetekend tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur inzake de aanslag IB/PVV over 2005. In zijn beroepschrift heeft belanghebbende enkel verwezen naar een beroepsprocedure van een andere belastingplichtige, zonder overigens de desbetreffende stukken in kopie bij te voegen. De rechtbank (NTFR 2008/1446) heeft belanghebbende daarom niet-ontvankelijk in zijn beroep verklaard. In hoger beroep stelt het hof voorop dat de rechtbank inderdaad niet gehouden is dossiers van andere belastingplichtigen te raadplegen. Echter, uit de bij het beroepschrift bijgevoegde uitspraak op bezwaar is volgens het hof duidelijk af te leiden dat belanghebbende het niet eens is met de bijtelling van het eigenwoningforfait. Daarmee was het beroep voldoende gemotiveerd en had de rechtbank belanghebbende moeten ontvangen in zijn beroep. Het hof gaat niet over tot terugwijzing naar de rechtbank, maar voorziet zelf in de zaak. Belanghebbende vindt dat van artikel 3.123a van de Wet IB 2001 een ontoelaatbare, discriminerende werking uitgaat en beroept zich in verband daarmee op het gelijkheidsbeginsel. Dit beroep wordt door het hof verworpen onder verwijzing naar HR 8-8-08, nr. 07/10150, NTFR 2008/1679.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen