Hof 's-Gravenhage 14 april 2010, ECLI:NL:GHSGR:2010:BM1858
Inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen. Uit de vastgestelde feiten is naar ’s Hofs oordeel redelijkerwijs geen andere conclusie te trekken dan dat van gemeenschappelijke inkomenbestanddelen in de zin van artikel 2.17, vijfde lid, Wet IB 2001 geen sprake is. De hypotheekrente heeft, anders dan de rechtbank heeft beslist, voor de helft op belanghebbende gedrukt als bedoeld in artikel 2.17, eerste lid, Wet IB 2001 in samenhang met artikel 3.121 Wet IB 2001. Als gevolg daarvan is slechts de helft van de hypotheekrente aan te merken als rente die verband houdt met de eigenwoningschuld van belanghebbende.
De uitspraak op rechtspraak.nl