Hof Den Haag 21 april 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:564

Huurders hebben woningen geruild na vonnis kantonrechter, waarbij zij zijn gemachtigd de ander in hun plaats te stellen als huurder. De verhuurders vorderen ongedaanmaking van de woningruil. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter, omdat de belangen van de huurders, en die van de minderjarige kinderen van een van hen, bij instandhouding van de woningruil, zwaarder wegen dan die van de verhuurders bij ongedaanmaking daarvan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken