Hof Arnhem 13 maart 2007, ECLI:NL:GHARN:2007:BA1411
Allereerst behoeft beantwoording de vraag of aan artikel 56i Pachtwet de beperkte uitleg moet worden gegeven die de pachtkamer in eerste aanleg daaraan klaarblijkelijk heeft gegeven, namelijk dat alleen is voldaan aan het vereiste dat de pachter van zijn recht van voorkeur gebruik heeft gemaakt indien bij de uitoefening van dat recht de formele weg van artikel 56b Pachtwet is bewandeld – hetgeen veronderstelt dat de verpachter van zijn voornemen tot vervreemding bij deurwaardersexploot of bij aangetekende brief aan de pachter heeft kennis gegeven en dat de pachter vervolgens eveneens bij exploot of bij aangetekende brief aan de verpachter te kennen heeft gegeven dat hij, indien overeenstemming wordt bereikt over de prijs, bereid is eigenaar of beperkt gerechtigde te worden – dan wel dat aan die bepaling een ruimere uitleg moet worden gegeven, zoals met een beroep op de opvattingen in de rechtsgeleerde literatuur door [appellant] wordt bepleit.
De uitspraak op rechtspraak.nl