Hof Arnhem-Leeuwarden 17 juni 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:4051

Proceskostenvergoeding. Zijn de nieuwe maatregelen met betrekking tot de uitbetaling van de proceskostenvergoeding in strijd met het gelijkheidsbeginsel, dan wel het discriminatieverbod? In artikel 13a, derde en vierde lid, van de Wahv, zoals deze bepalingen met ingang van 1 januari 2024 luiden, is bepaald dat de proceskostenvergoeding uitsluitend wordt uitbetaald op de rekening van de betrokkene en dat vorderingen tot deze uitbetaling niet vatbaar zijn voor vervreemding of verpanding. Het betreft hier de rechtstreeks uit de wet voortvloeiende wijze van uitvoering van een beslissing van de officier van justitie, de kantonrechter of het hof. Zij zijn zelf niet bevoegd om over deze feitelijke uitvoering van hun beslissing een oordeel te geven. Het hof verklaart zich dan ook onbevoegd om kennis te nemen van de bezwaren omtrent de wijze van uitbetaling van de proceskostenvergoeding.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken