Hof Arnhem-Leeuwarden 15 december 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:10504

Vrijspraak van poging tot moord en poging tot zware mishandeling. Veroordeling voor bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder B en artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie tot een gevangenisstraf van 12 maanden, met aftrek van voorarrest. Het hof gelast dat verdachte ter beschikking wordt gesteld onder voorwaarden en beveelt dat deze voorwaarden en het uit te oefenen reclasseringstoezicht dadelijk uitvoerbaar zijn. Toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 4.100,39 vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij voor het overige. Afwijzing van de vordering tenuitvoerlegging.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken