Hof Amsterdam 8 maart 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ0037
Ten aanzien van het klachtonderdeel betreffende de onduidelijke communicatie is het hof van oordeel dat dit klachtonderdeel terecht door klager is voorgedragen. Hoewel het hof de inhoud van het gesprek niet heeft vast kunnen stellen, had het op de weg van de gerechtsdeurwaarders gelegen om klager als toen mede te delen dat zij bezig waren met de executie van het vonnis op het vermogen van klager en dat zij de betaling zouden aanwenden ter voldoening van de schulden ter voorkoming van de executie. Nu zij dit hebben nagelaten hebben zij klachtwaardig gehandeld en acht het hof de maatregel van berisping passend en geboden.
De uitspraak op rechtspraak.nl