Hof Amsterdam 31 augustus 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BN5956
De gerechtsdeurwaarder heeft bezwaar gemaakt tegen de gang van zaken bij de kamer, in het bijzonder tegen het feit dat de gerechtsdeurwaarder pas in de beslissing van de kamer als beklaagde werd aangemerkt zonder dat zij daarvan op de hoogte was. Deze door de gerechtsdeurwaarder gestelde tekortkoming wordt ten gevolge van de behandeling in hoger beroep hersteld. Immers, nu de gerechtsdeurwaarder in hoger beroep is gekomen wordt de zaak opnieuw in volle omvang behandeld. Het hof overweegt dat als een ambtshandeling bij één exploot kán worden gedaan, dan behoort deze in beginsel ook bij één exploot te wórden gedaan. Uit de omschrijving volgt dat het hier gaat om twee verschillende exploten. Onder die omstandigheden was de gerechtsdeurwaarder gerechtigd om twee exploten in rekening te brengen.
De uitspraak op rechtspraak.nl