CRvB 15 juli 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:2375

Medeterugvordering bijstand. Gezamenlijke huishouding. Het feit dat betrokkene hoofdelijk aansprakelijk is gesteld voor het teruggevorderde bedrag levert geen eigen, rechtstreeks belang op bij het jegens B genomen besluit tot intrekking en terugvordering, waarbij (uitsluitend) het recht op bijstand van B is beoordeeld. Geen rechtsregel brengt mee dat betrokkene in de bestuursrechtelijke procedure inzage zou moeten worden verleend in het volledige strafdossier. Niet in geschil is dat B de biologische vader van de kinderen is. In dat geval is de datum van erkenning van de kinderen niet relevant voor de toepassing van het onweerlegbaar rechtsvermoeden. De onderzoeksbevindingen bieden voldoende feitelijke grondslag voor het oordeel dat sprake was van een gezamenlijk hoofdverblijf. Schending inlichtingenverplichting.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken