CBb 1 september 2020, ECLI:NL:CBB:2020:591
Gebleken is dat verweerder grotendeels meegaat in de stelling van appellante dat haar fosfaatruimte onjuist is vastgesteld. Ten aanzien van perceel X overweegt het College dat het door appellante overgelegde monsteranalyseverslag niet volledig is waardoor het perceel terecht ingedeeld is in categorie hoog. Ten aanzien van perceel X overweegt het College dat het perceel onvolledig is bemonsterd en daarom moet worden ingedeeld in categorie hoog. Naar het oordeel van het College blijkt dat een hoek van het perceel X niet in het analyseverslag is ingetekend. Dit betekent dat het perceel X, ten onrechte, niet volledig is bemonsterd, zoals voorgeschreven in bijlage L behorende bij artikel 103a van de Uitvoeringsregeling Msw. Het analyseverslag ten aanzien van het perceel X is derhalve niet geldig. Verweerder heeft derhalve ook het perceel X terecht ingedeeld in categorie hoog. Het beroep van appellante op artikel 1 EP slaagt evenmin. In dat verband is van belang dat appellante, ter compensatie voor het afstoten van haar varkenstak, in 2013 en 2015 grote financiële verplichtingen is aangegaan. Zo heeft appellante in 2013 geïnvesteerd in de aankoop van grond en in 2015, vlak voor de peildatum, geïnvesteerd in de realisatie van een nieuwe jongveestal. Gezien het tijdstip waarop de investeringen zijn gedaan acht het College die beslissingen, mede bezien in het licht van de afschaffing van het melkquotum en de maatregelen die in verband met die afschaffing te verwachten waren waarover het College in de uitspraak van 23 juli 2019 (onder 6.7.5.4) heeft geoordeeld, niet navolgbaar.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 1 Meststw
- Artikel 7 Meststw
- Artikel 8 Meststw
- Artikel 11 Meststw
- Artikel 23 Meststw
- Artikel 3:2 Awb
- Artikel 8:36 Awb
- Artikel 8:72 Awb
- Artikel 2 BPB
- Artikel 6 Besluit tarieven in strafzaken 2003
- Artikel 72b Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet
- Artikel 1 Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden
Aangehaalde uitspraken
- CBb 25 februari 2020, ECLI:NL:CBB:2020:114
- CBb 23 juli 2019, ECLI:NL:CBB:2019:291
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:1
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:2
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:3
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:4
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:5
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:6
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:7
- CBb 17 oktober 2018, ECLI:NL:CBB:2018:522