CBb 28 januari 2020, ECLI:NL:CBB:2020:50
Appellante wordt niet gevolgd in haar stelling dat de verdeling van percelen over twee relatienummers die beide in het bezit zijn van één en dezelfde persoon, bewijs levert dat er sprake is van grondgebonden bedrijfsvoering met feitelijke beschikkingsmacht. Het beroep van appellante op grondgebondenheid wordt daarom niet gehonoreerd. Het beroep op artikel 1 van het EP slaagt evenmin. Nu verweerder in het verweerschrift het vastgestelde fosfaatrecht heeft gecorrigeerd, bestaat reden verweerder te veroordelen in de proceskosten van appellante in bezwaar en beroep.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- CBb 8 oktober 2019, ECLI:NL:CBB:2019:472
- CBb 24 september 2019, ECLI:NL:CBB:2019:441
- CBb 20 augustus 2019, ECLI:NL:CBB:2019:362
- CBb 30 juli 2019, ECLI:NL:CBB:2019:318
- CBb 30 juli 2019, ECLI:NL:CBB:2019:326
- CBb 23 juli 2019, ECLI:NL:CBB:2019:291
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:1
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:2
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:3
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:4
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:5
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:6
- CBb 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:7
- CBb 17 oktober 2018, ECLI:NL:CBB:2018:522
- CBb 12 februari 2013, ECLI:NL:CBB:2013:BZ1613
- CBb 18 oktober 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BY1553