CBb 11 juni 2019, ECLI:NL:CBB:2019:228

Persoonsgericht onderzoek naar door appellant en/of aan hem gelieerde rechtspersonen ontvangen vergoedingen met betrekking tot verrichte werkzaamheden ten behoeve van activiteiten die zijn gerelateerd aan door of via de gemeente (de werkgever van appellant) gefinancierde projecten en naar zijn rol bij het aanwenden van middelen voor projecten die door de gemeente zijn gefinancierd. De accountantskamer oordeelde dat de klachten van appellant onvoldoende onderbouwd en daarom ongegrond zijn. Ook het College is niet gebleken dat betrokkenen bij de uitvoering van hun onderzoeksopdracht niet de fundamentele beginselen in acht hebben genomen. Hun eindrapport is door middel van hoor en wederhoor tot stand gekomen. Voor de gerapporteerde bevindingen bestond een voldoende deugdelijke grondslag. Het hoger beroep van appellant is ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken