Art. 4 Rijkswet van 28 januari 2013, houdende goedkeuring van het op 27 mei 2010 te Parijs tot stand gekomen Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken (Trb. 2010, 221 en 314)
Goedgekeurd wordt dat bij de binding van het Koninkrijk aan het in artikel 1 genoemde Protocol voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten het in artikel 30 eerste lid, onder f van het op 25 januari 1988 te Straatsburg tot stand gekomen Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken (Trb. 1991, 4) bedoelde voorbehoud wordt gemaakt dat de terugwerkende kracht voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten wordt beperkt tot drie jaren voorafgaand aan de inwerkingtreding van het in artikel 1 genoemde Protocol.
Verwijst naar
Toelichting
Vorige artikelen
- Artikel 1 Rijkswet van 28 januari 2013, houdende goedkeuring van het op 27 mei 2010 te Parijs tot stand gekomen Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken (Trb. 2010, 221 en 314)
- Artikel 2 Rijkswet van 28 januari 2013, houdende goedkeuring van het op 27 mei 2010 te Parijs tot stand gekomen Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken (Trb. 2010, 221 en 314)
- Artikel 3 Rijkswet van 28 januari 2013, houdende goedkeuring van het op 27 mei 2010 te Parijs tot stand gekomen Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken (Trb. 2010, 221 en 314)