Art. 3 Rijkswet van 28 januari 2013, houdende goedkeuring van het op 27 mei 2010 te Parijs tot stand gekomen Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken (Trb. 2010, 221 en 314)

Rijkswet van 28 januari 2013, houdende goedkeuring van het op 27 mei 2010 te Parijs tot stand gekomen Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken (Trb. 2010, 221 en 314)

Voor Aruba, het Caribische deel van Nederland, Curaçao en Sint Maarten wordt goedgekeurd dat de in artikel 30, eerste lid, onder a, b, c, d en e, van het in artikel 1 bedoelde Verdrag opgenomen voorbehouden worden ingetrokken, die bij de bekrachtiging van dat Verdrag zijn gemaakt overeenkomstig artikel 3 van de in artikel 2 genoemde Rijkswet, met dien verstande dat:

a. voor Curaçao het voorbehoud gehandhaafd blijft dat geen bijstand wordt verleend ten aanzien van verplichte premies of bijdragen voor de sociale zekerheid, te betalen aan de centrale overheid of aan publiekrechtelijke instellingen voor sociale zekerheid, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, nummer ii, van dat Verdrag;

b. voor Sint Maarten het voorbehoud gehandhaafd blijft dat geen bijstand wordt verleend ten aanzien van verplichte premies of bijdragen voor de sociale zekerheid, te betalen aan de centrale overheid of aan publiekrechtelijke instellingen voor sociale zekerheid, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, nummer ii, van dat Verdrag en geen bijstand wordt verleend ten aanzien van de belastingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, iii, letters B en D, van dat Verdrag.

Verwijst naar

Toelichting

Vorige artikelen

Volgende artikelen