Art. 18 Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat, Rechten van personen met een handicap en van kinderen

Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat

Overeenkomstig het nationale recht en de toepasselijke internationale verplichtingen neemt elke partij de specifieke behoeften en kwetsbaarheden met betrekking tot de eerbiediging van de rechten van personen met een handicap en van kinderen naar behoren in aanmerking.

Vorige artikelen

Volgende artikelen