Art. V Verklaring van bepaalde Europese Regeringen inzake de exploitatiefase van de lanceervoertuigen Ariane, Vega en Sojoez vanaf het Ruimtevaartcentrum in Guyana, INWERKINGTREDING, WERKINGSDUUR, HERZIENINGEN EN GELDIGHEID
1. De Republiek Oostenrijk, het Koninkrijk België, het Koninkrijk Denemarken, de Republiek Finland, de Franse Republiek, de Bondsrepubliek Duitsland, de Helleense Republiek, Ierland, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, het Koninkrijk Noorwegen, de Portugese Republiek, het Koninkrijk Spanje, het Koninkrijk Zweden, de Zwitserse Bondsstaat, het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, lidstaten van het Europees Ruimte-Agentschap, kunnen vanaf 30 maart 2007 Partij worden bij deze Verklaring door de Directeur-Generaal van het Agentschap schriftelijk ervan in kennis te stellen dat zij ermee instemmen Partij te worden. Deze Verklaring treedt in werking zodra twee derde van de lidstaten van het Agentschap de Directeur-Generaal van het Agentschap schriftelijk ervan in kennis stellen dat zij ermee instemmen Partij te worden. Na de inwerkingtreding kan elk van de bovengenoemde ESA-lidstaten Partij worden bij deze Verklaring door de Directeur-Generaal van het Agentschap schriftelijk ervan in kennis te stellen dat hij ermee instemt Partij te worden. Deze Verklaring treedt voor dergelijke lidstaten in werking 30 dagen na de datum waarop zij de Directeur-Generaal van het Agentschap ervan in kennis hebben gesteld dat zij ermee instemmen Partij te worden.
2. Na de inwerkingtreding ervan staat deze Verklaring open voor toetreding door elke nieuwe Staat die lid wordt van het Europees Ruimte-Agentschap en hierom verzoekt. Een dergelijk verzoek om toetreding wordt gericht aan de Directeur-Generaal van het Agentschap en vereist de instemming van alle Partijen bij deze Verklaring. Deze Verklaring treedt ten aanzien van een lidstaat die ertoe is toegetreden in werking 30 dagen na de datum waarop hij de Directeur-Generaal van het Agentschap in kennis stelt van zijn toetreding.
3. Op voorwaarde dat aan de in het eerste lid van dit artikel vervatte voorwaarde is voldaan, is deze Verklaring van toepassing vanaf 1 januari 2009 tot en met ultimo 2020. De bepalingen van deze Verklaring blijven ook na de vervaldatum van toepassing teneinde, al naargelang van toepassing, de uitvoering van lanceercontracten die de leverancier van lanceerdiensten tot en met ultimo 2020 afsluit, mogelijk te maken. De Partijen bij deze Verklaring nodigen de Directeur-Generaal van het Agentschap uit in 2014 een vergadering van de Partijen te beleggen om de voortgang van de implementatie van de Verklaring te evalueren alsmede de passende maatregelen die genomen moeten worden.
4. De Partijen bij deze Verklaring plegen tijdig, en ten minste twee jaar voor het verstrijken van de geldigheidsduur van deze Verklaring, onderling overleg over de voorwaarden voor de vervanging ervan.
5. De Partijen bij deze Verklaring komen, op verzoek van ten minste vier van hen, bijeen om de bepalingen van deze Verklaring en de implementatie ervan te toetsen. In het kader van deze toetsingen kan de Directeur-Generaal van het Agentschap of enige Partij de Partijen bij deze Verklaring voorstellen doen tot aanpassing van de inhoud van deze Verklaring. Wijzigingen van de bepalingen van deze Verklaring worden aangenomen na de eenparige aanvaarding ervan door de Partijen bij deze Verklaring.
6. De bepalingen van deze Verklaring hebben slechts tot doel de relatie tussen de Partijen erbij te regelen; de overeenkomsten die een Partij bij deze Verklaring mogelijk met derden is aangegaan vóór de inwerkingtreding van deze Verklaring als voorzien in het bovenstaande artikel V.1, worden er niet door aangetast of gewijzigd; de bepalingen worden niet aangetast of gewijzigd door de overeenkomsten die een Partij bij deze Verklaring mogelijk met derden is aangegaan na de inwerkingtreding van deze Verklaring.
Artikelen die hiernaar verwijzen
Vorige artikelen
- Artikel I Verklaring van bepaalde Europese Regeringen inzake de exploitatiefase van de lanceervoertuigen Ariane, Vega en Sojoez vanaf het Ruimtevaartcentrum in Guyana
- Artikel II Verklaring van bepaalde Europese Regeringen inzake de exploitatiefase van de lanceervoertuigen Ariane, Vega en Sojoez vanaf het Ruimtevaartcentrum in Guyana
- Artikel III Verklaring van bepaalde Europese Regeringen inzake de exploitatiefase van de lanceervoertuigen Ariane, Vega en Sojoez vanaf het Ruimtevaartcentrum in Guyana
- Artikel IV Verklaring van bepaalde Europese Regeringen inzake de exploitatiefase van de lanceervoertuigen Ariane, Vega en Sojoez vanaf het Ruimtevaartcentrum in Guyana