Art. 10 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht, Ontheffing uit het ambt
Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
1. Een rechter kan slechts uit zijn ambt worden ontheven of het recht op andere voordelen worden ontzegd, indien het presidium van oordeel is dat deze rechter niet langer aan de gestelde voorwaarden of aan de uit zijn ambt voortvloeiende verplichtingen voldoet. De betrokken rechter wordt gehoord, maar neemt geen deel aan de beraadslagingen.
2. De griffier van het Gerecht doet deze beslissing toekomen aan de voorzitter van het Bestuurscomité.
3. In geval van een beslissing waarbij een rechter van zijn ambt wordt ontheven, ontstaat bij die kennisgeving een vacature.
Vorige artikelen
- Artikel 5 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 6 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 7 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 8 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 9 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
Volgende artikelen
- Artikel 11 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 12 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 13 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 14 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht
- Artikel 15 Overeenkomst betreffende een eengemaakt octrooigerecht