Art. 25 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
1. De inspecteurs van de arbeid of de plaatselijke inspectiebureaus zijn gehouden, al naar het geval zich voordoet, periodieke verslagen van algemene aard omtrent de resultaten van hun werkzaamheden aan de bevoegde centrale autoriteit van de arbeidsinspectie voor te leggen.
2. Die verslagen worden opgemaakt in een door de centrale autoriteit vastgestelde vorm en behandelen de onderwerpen, van tijd tot tijd door de centrale autoriteit voorgeschreven; zij worden zo dikwijls ingediend als de centrale autoriteit bepaalt en in elk geval ten minste eenmaal per jaar.
Vorige artikelen
- Artikel 20 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 21 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 22 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 23 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 24 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
Volgende artikelen
- Artikel 26 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 27 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 28 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 29 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw
- Artikel 30 Verdrag betreffende de arbeidsinspectie in de landbouw