Art. 24 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen, INTERNATIONALE ONDERZOEKSCOMMISSIES
Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
Voor alle kennisgevingen die de commissie op het grondgebied van een derde verdragsluitende mogendheid wil doen, wendt de commissie zich rechtstreeks tot de regering van deze mogendheid. Dit geldt eveneens indien stappen moeten worden genomen om ter plaatse bewijsmiddelen vast te stellen.
De daartoe gedane verzoeken worden uitgevoerd met de middelen waarover de mogendheid krachtens haar nationale wetgeving beschikt. Zij mogen slechts worden afgewezen indien de mogendheid de verzoeken van zodanige aard acht dat zij inbreuk zouden maken op haar soevereiniteit of veiligheid.
De commissie heeft tevens te allen tijde de bevoegdheid de tussenkomst in te roepen van de mogendheid op wier grondgebied zij haar zetel heeft.
Vorige artikelen
- Artikel 19 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 20 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 21 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 22 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 23 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
Volgende artikelen
- Artikel 25 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 26 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 27 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 28 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen
- Artikel 29 Verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen