Art. 22 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen, Internering van krijgsgevangenen
Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
Krijgsgevangenen mogen alleen worden geïnterneerd in lokaliteiten welke op de vaste wal zijn gelegen en alle waarborgen bieden voor hygiëne en gezondheid; behoudens in bijzondere gevallen waarin het belang van de krijgsgevangenen zelf zulks rechtvaardigt, mogen zij niet in strafinrichtingen worden geïnterneerd.
Krijgsgevangenen die geïnterneerd zijn in ongezonde streken of in streken waar het klimaat voor hen schadelijk is, moeten zo spoedig mogelijk worden overgebracht naar streken met een gunstiger klimaat.
De gevangenhoudende Mogendheid zal de krijgsgevangenen in de kampen of kampafdelingen indelen naar hun nationaliteit, taal en gewoonten, met dien verstande, dat zij niet worden gescheiden van de krijgsgevangenen, behorend tot de gewapende macht waarbij zij dienden op het tijdstip van hun gevangenneming, tenzij zij daarin mochten toestemmen.
Vorige artikelen
- Artikel 17 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 18 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 19 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 20 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 21 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
Volgende artikelen
- Artikel 23 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 24 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 25 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 26 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen
- Artikel 27 Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen