Art. 29 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen, Algemene bepalingen
Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
1. In geval van een geschil waarvan het onderwerp volgens de nationale wetgeving van een der partijen valt binnen de bevoegdheid van haar rechterlijke of administratieve autoriteiten, kan de betrokken partij bezwaar maken tegen regeling van het geschil door middel van de in dit Verdrag voorziene procedures, totdat de bevoegde autoriteit binnen redelijke tijd terzake een definitieve beslissing heeft gegeven.
2. Indien in de betrokken Staat een definitieve beslissing is gegeven, zal het niet meer mogelijk zijn van de in dit Verdrag voorziene procedures gebruik te maken na het verstrijken van een tijdvak van vijf jaar te rekenen van de datum waarop de bovenbedoelde beslissing werd gegeven.
Vorige artikelen
- Artikel 24 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 25 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 26 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 27 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 28 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
Volgende artikelen
- Artikel 30 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 31 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 32 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 33 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen
- Artikel 34 Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen