Art. 70 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid, Gemeenschappelijke bepalingen
Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
1. Een ieder, die aanspraak maakt op een uitkering, moet het recht hebben om beroep in te stellen, wanneer hem een uitkering wordt geweigerd of wanneer hij zich niet kan verenigen met de hoedanigheid of de omvang daarvan.
2. Wanneer bij de toepassing van dit Verdrag de verstrekking van de geneeskundige zorg is toevertrouwd aan een regeringsdepartement, dat verantwoording schuldig is aan een parlement, kan het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht van beroep worden vervangen door het recht om elk bezwaar tegen weigering van geneeskundige zorg of tegen de hoedanigheid der ontvangen geneeskundige zorg te doen onderzoeken door de bevoegde autoriteit.
3. Wanneer verzoeken om uitkering worden behandeld door rechtscolleges, welke speciaal zijn ingesteld voor de behandeling van zaken aangaande sociale zekerheid en waarin de beschermde personen vertegenwoordigd zijn, behoeft het recht van beroep niet te worden toegekend.
Vorige artikelen
- Artikel 65 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 66 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 67 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 68 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 69 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
Volgende artikelen
- Artikel 71 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 72 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 73 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 74 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid
- Artikel 75 Verdrag betreffende minimum-normen van sociale zekerheid