Art. 89bis PCT, Indiening, behandeling en toezending van internationale aanvragen en andere documenten in elektronische vorm of met elektronische middelen
Verdrag tot samenwerking inzake octrooien (PCT)
89bis 1. Internationale aanvragen
a. Met inachtneming van de paragrafen b tot en met e kunnen internationale aanvragen in elektronische vorm of met elektronische middelen worden ingediend en behandeld, in overeenstemming met de Administratieve Instructies.
b. Dit Reglement is van overeenkomstige toepassing op internationale aanvragen die in elektronische vorm of met elektronische middelen worden ingediend, met inachtneming van eventuele bijzondere bepalingen in de Administratieve Instructies.
c. In de Administratieve Instructies zijn de bepalingen en vereisten opgenomen met betrekking tot de indiening en behandeling van internationale aanvragen die geheel of gedeeltelijk in elektronische vorm of met elektronische middelen worden ingediend, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, bepalingen en vereisten met betrekking tot ontvangstbevestiging, procedures inzake het toekennen van een internationale datum van indiening, vormvoorschriften en de gevolgen van het niet nakomen daarvan, het ondertekenen van documenten, de middelen voor het waarmerken van documenten en het legaliseren van de identiteit van partijen die communiceren met bureaus en instanties, en de werking van artikel 12 met betrekking tot het archiefexemplaar, het oorspronkelijke exemplaar en het exemplaar voor het nieuwheidsonderzoek, en zij kunnen verschillende bepalingen en vereisten bevatten met betrekking tot internationale aanvragen die in verschillende talen worden ingediend.
d. Een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie is niet verplicht internationale aanvragen die in elektronische vorm of met elektronische middelen zijn ingediend in ontvangst te nemen of te behandelen, tenzij het (zij) het Internationaal Bureau te kennen heeft gegeven dat het (zij) daartoe bereid is in overeenstemming met de toepasselijke bepalingen van de Administratieve Instructies. Het Internationaal Bureau zal de aldus bekendgemaakte informatie publiceren in het mededelingenblad.
dbis. Een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie anders dan het Internationale Bureau, dat of die een kennisgeving uit hoofde van paragraaf d heeft gedaan kan het Internationale Bureau ervan in kennis stellen dat hij of zij uitsluitend internationale aanvragen in ontvangst zal nemen indien deze in elektronische vorm of met elektronische middelen zijn ingediend. Het Internationale Bureau publiceert een kennisgeving uit hoofde van deze paragraaf in het mededelingenblad.
dter. Een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie die een kennisgeving uit hoofde van paragraaf d, maar niet uit hoofde van paragraaf dbis heeft gedaan, kan het Internationale Bureau ervan in kennis stellen dat een op papier ingediende aanvrage opnieuw dient te worden ingediend met elektronische middelen binnen twee maanden na de datum van de uitnodiging door dit bureau of deze organisatie. Indien de overeenkomstige documenten niet tijdig worden ontvangen, wordt de internationale aanvrage als ingetrokken beschouwd en verklaart het ontvangende bureau dit. Het Internationale Bureau publiceert een kennisgeving uit hoofde van deze paragraaf in het mededelingenblad.
e. Een ontvangend bureau dat het Internationaal Bureau ingevolge paragraaf d een kennisgeving heeft doen toekomen kan niet weigeren een in elektronische vorm of met elektronische middelen ingediende internationale aanvrage die voldoet aan de toepasselijke voorschriften van de Administratieve Instructies in behandeling te nemen.
89bis 2. Andere documenten Regel 89bis 1 is van overeenkomstige toepassing op andere documenten en correspondentie inzake internationale aanvragen, op voorwaarde dat, wanneer een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie een kennisgeving heeft gedaan uit hoofde van regel 89bis 1 (dter), documenten of correspondentie die op papier zijn ingediend en niet binnen twee maanden opnieuw zijn ingediend met elektronische middelen buiten beschouwing worden gelaten.
89bis 3. Toezending tussen bureaus Wanneer het Verdrag, dit Reglement of de Administratieve Instructies bepalen dat internationale aanvragen, kennisgevingen, mededelingen, correspondentie of andere documenten door een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie aan een ander bureau of andere organisatie moeten worden toegezonden, kan die toezending, wanneer zowel de afzender als de ontvanger daarmee instemmen, in elektronische vorm of met elektronische middelen plaatsvinden.