Art. 21 COTIF, Bijlagen en aanbevelingen
Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer (COTIF)
§ 1. De Commissie van technisch deskundigen beslist over het aannemen en wijzigen van elke Bijlage in overeenstemming met de procedure neergelegd in de artikelen 16, 20 en 33, § 6, van het Verdrag. De beslissingen treden in werking volgens de bepalingen van artikel 35, §§ 3 en 4, van het Verdrag.
§ 2. Een verzoek om aanneming of wijziging van een Bijlage kan ingediend worden door:
a. elke Verdragsstaat;
b. elke regionale organisatie zoals omschreven in artikel 2, onder x, van de ATMF;
c. elke representatieve internationale vereniging, voor de leden waarvan het bestaan van de Bijlage om veiligheids- en bedrijfseconomische redenen onmisbaar is in de uitoefening van hun activiteit.
§ 3. Het ontwikkelen van bijlagen op basis van aanvragen ingediend in overeenstemming met § 2 behoort tot het werkterrein van de Commissie van technisch deskundigen, bijgestaan door ad-hoc werkgroepen en de Secretaris-Generaal.
§ 4. De Commissie van technisch deskundigen kan een aanbeveling doen voor methoden en praktijken met betrekking tot de technische toelating van spoorwegmaterieel dat in internationaal verkeer wordt ingezet.