Art. 16-1 SOLAS, Constructie en eerste beproeving van waterdichte dekken, kokers, enz.
Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974 (SOLAS)
1. Waterdichte dekken, kokers, tunnels, kokerkielen en luchtschachten moeten even sterk zijn als de waterdichte schotten op overeenkomstige hoogte. De middelen om ze waterdicht te maken en voor de sluiting van openingen daarin, moeten ten genoegen van de Administratie zijn. Waterdichte luchtschachten en kokers moeten op passagiersschepen ten minste tot het schottendek zijn opgetrokken en op vrachtschepen tot het vrijboorddek.
2. Indien in passagiersschepen een ventilatieschacht die door een constructie loopt een waterdichte ruimte op het schottendek doorkruist, moet de schacht de waterdruk in de schacht kunnen weerstaan, waarbij de maximum toegestane hellingshoek gedurende het vollopen, in overeenstemming met voorschrift 7-2 in aanmerking wordt genomen.
3. Indien, in ro-ro-passagiersschepen een schacht die het schottendek doorkruist zich geheel of ten dele op het belangrijkste ro-ro-dek bevindt, moet de schacht de druk kunnen weerstaan die wordt veroorzaakt door interne verplaatsing (klotsen) van ingesloten water op het ro-ro-dek.
4. Na voltooiing moeten de waterdichte dekken door bespuiten of onder water zetten op waterdichtheid beproefd worden en de waterdichte kokers, tunnels en luchtschachten door bespuiten.