Art. 43 MARPOL, Bijzondere vereisten voor het gebruik of vervoer van olie in het Antarctisch gebied
Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, 1973, zoals gewijzigd door het Protocol van 1978 daarbij (MARPOL)
1. Met uitzondering van schepen die ingezet worden bij het waarborgen van de veiligheid van schepen of bij een opsporings- en reddingsoperatie, is het vervoer in bulk als lading, het gebruik als ballast of het vervoer en gebruik van brandstof van het volgende: verboden in het Antarctisch gebied, zoals omschreven in Bijlage I, voorschrift 1.11.7.
.1 ruwe olie met een dichtheid van meer dan 900 kg/m3 bij 15ºC;
.2 andere olieproducten dan ruwe olie, met een dichtheid van meer dan 900 kg/m3 bij 15ºC of een kinematische viscositeit van meer dan 180 mm2/s bij 50ºC; of
.3 bitumen, teer en emulsies van deze producten,
2. Indien eerdere operationele handelingen het vervoer of het gebruik van de in paragraaf 1.1 tot en met 1.3 van dit voorschrift genoemde olieproducten hebben ingehouden, is het reinigen of spoelen van de tanks of pijpleidingen niet vereist.