Art. 12 Verdrag inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven, Uitvoering van voorlopige maatregelen

Verdrag inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven

1. De in artikel 11 genoemde voorlopige maatregelen worden uitgevoerd op grond van en in overeenstemming met de nationale wetgeving van de aangezochte Partij en in overeenstemming met de in het verzoek omschreven procedures, voor zover deze niet onverenigbaar zijn met genoemde nationale wetgeving.

2. Alvorens een uit hoofde van dit artikel genomen voorlopige maatregel op te heffen, stelt de aangezochte Partij, indien mogelijk, de verzoekende Partij in de gelegenheid redenen op te geven om de maatregel te handhaven.

Vorige artikelen

Volgende artikelen