Art. 21 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging, ALGEMENE BEPALINGEN
Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
Een Verdragsluitende Staat met twee of meer territoriale eenheden die hun eigen rechtsregels inzake vertegenwoordiging bezitten kan, op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding verklaren dat dit Verdrag mede van toepassing zal zijn op alle of op een of meer van die territoriale eenheden, en kan deze verklaring te allen tijde wijzigen door het afleggen van een nieuwe verklaring.
Deze verklaringen worden medegedeeld aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden en geven uitdrukkelijk de territoriale eenheden aan waarop het Verdrag toepasselijk is.
Vorige artikelen
- Artikel 16 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 17 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 18 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 19 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 20 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
Volgende artikelen
- Artikel 22 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 23 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 24 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 25 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging
- Artikel 26 Verdrag betreffende het toepasselijke recht op vertegenwoordiging