Art. 25 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen, ALGEMENE BEPALINGEN

Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen

De onderdanen van een Verdragsluitende Staat en de personen die aldaar hun gewone verblijfplaats hebben, hebben bij alles wat verband houdt met de toepassing van dit Verdrag recht op rechtsbijstand en juridisch advies in iedere andere Verdragsluitende Staat, onder dezelfde voorwaarden als waren zij zelf onderdanen van die andere Staat en als hadden zij aldaar zelf hun gewone verblijfplaats.

Vorige artikelen

Volgende artikelen