Art. 21 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen, OMGANGSRECHT
Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
Een verzoek dat de regeling of de bescherming van de feitelijke uitoefening van het bezoekrecht beoogt, kan op dezelfde wijze als een verzoek dat de terugkeer van het kind beoogt, aan de centrale autoriteit van een Verdragsluitende Staat worden gericht.
De centrale autoriteiten zijn gehouden tot de in artikel 7 bedoelde verplichting tot samenwerking, ten einde te verzekeren dat het omgangsrecht op vreedzame wijze kan worden uitgeoefend en de voorwaarden voor de uitoefening van dit recht worden nageleefd, en om alle bestaande belemmeringen met betrekking tot de uitoefening van dit recht zoveel mogelijk weg te nemen.
De centrale autoriteiten kunnen hetzij rechtstreeks, hetzij door tussenkomst van derden, een gerechtelijke procedure instellen of bevorderen, tot het regelen of beschermen van het omgangsrecht en de naleving van de voorwaarden waaraan de uitoefening van dit recht mocht zijn gebonden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
Vorige artikelen
- Artikel 16 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 17 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 18 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 19 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 20 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
Volgende artikelen
- Artikel 22 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 23 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 24 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 25 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
- Artikel 26 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen