Art. 5 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica, Beheersplannen
Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
1. Elke Partij, de Commissie, de Wetenschappelijke Commissie voor Onderzoek op Antarctica en de Commissie voor de Instandhouding van de Levende Rijkdommen in de Antarctische Wateren kan een gebied voordragen voor aanwijzing als Speciaal Beschermd Antarctisch Gebied of Speciaal Beheerd Antarctisch Gebied door een ontwerp-Beheersplan in te dienen bij de Consultatieve Vergadering van het Verdrag inzake Antarctica.
2. Het voor aanwijzing voorgedragen gebied moet van voldoende omvang zijn om de waarden te kunnen beschermen waarvoor speciale bescherming of speciaal beheer vereist is.
3. Ontwerp-Beheersplannen dienen te omvatten, indien van toepassing:
a. een omschrijving van de waarde(n) waarvoor speciale bescherming of speciaal beheer vereist is;
b. een uiteenzetting van de doelstellingen van het Beheersplan met betrekking tot de bescherming of het beheer van die waarden;
c. beheersactiviteiten die zullen worden ondernomen ter bescherming van de waarden waarvoor speciale bescherming of speciaal beheer vereist is;
d. eventueel een tijdvak waarvoor de aanwijzing geldt;
e. een omschrijving van het gebied, onder vermelding van:
i. de geografische coördinaten, grenstekens en natuurlijke kenmerken die het gebied afbakenen;
ii. de toegang tot het gebied over land, vanaf zee of vanuit de lucht, met inbegrip van aanvaarroutes en ankerplaatsen in zee, voor voetgangers en voor voertuigen bestemde routes binnen het gebied, en aanvliegroutes en landingsplaatsen;
iii. de ligging van bouwwerken, met inbegrip van wetenschappelijke stations, onderzoeks- of schuilfaciliteiten, zowel binnen het gebied als in de nabijheid daarvan, en
iv. de ligging binnen of nabij het gebied van andere ingevolge deze Bijlage aangewezen Speciaal Beschermde Antarctische Gebie den of Speciaal Beheerde Antarctische Gebieden, of andere beschermde gebieden, aangewezen in overeenstemming met maatregelen die zijn genomen krachtens andere onderdelen van het Antarctisch Verdragsysteem;
f. de aanduiding van zones binnen het gebied waarin activiteiten moeten worden verboden, onderworpen aan beperkingen of beheerd met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen als bedoeld onder letter b hierboven;
g. kaarten en foto's die duidelijk de grens van het gebied ten opzichte van omringende landschapselementen, alsmede kenmerkende landschapselementen binnen, het gebied laten zien;
h. ondersteunende documentatie;
i. met betrekking tot een gebied dat wordt voorgedragen voor aanwijzing als Speciaal Beschermd Antarctisch Gebied, een duidelijke omschrijving van de voorwaarden waaronder door de bevoegde autoriteit vergunningen kunnen worden afgegeven betreffende:
i. de toegang tot en de verplaatsingen binnen of over het gebied heen;
ii. activiteiten die worden of kunnen worden verricht binnen het gebied, onder vermelding van beperkingen ten aanzien van tijd en plaats;
iii. de plaatsing, verandering of verwijdering van bouwwerken;
iv. de ligging van veldwerkkampen;
v. beperkingen ten aanzien van materialen en organismen die in het gebied mogen worden gebracht;
vi. het onttrekken van inheemse planten of dieren aan hun populatie of schadelijk optreden ten aanzien van inheemse flora en fauna;
vii. het verzamelen of verwijderen van iets dat niet door de vergunninghouder in het gebied is gebracht;
viii. het verwijderen van afval;
ix. maatregelen die noodzakelijk kunnen zijn om te verzekeren dat de doelstellingen van het Beheersplan bij voortduring kunnen worden nagestreefd; en
x. vereisten met betrekking tot aan de bevoegde autoriteit uit te brengen verslagen betreffende bezoeken aan het gebied;
j. met betrekking tot een gebied dat wordt voorgedragen voor aanwijzing als Speciaal Beheerd Antarctisch Gebied, een gedragscode betreffende:
i. de toegang tot en de verplaatsingen binnen of over het gebied heen;
ii. activiteiten die worden of kunnen worden verricht binnen het gebied, onder vermelding van beperkingen ten aanzien van tijd en plaats;
iii. de plaatsing, verandering of verwijdering van bouwwerken;
iv. de ligging van veldwerkkampen;
v. het onttrekken van inheemse planten of dieren aan hun popula tie of schadelijk optreden ten aanzien van inheemse flora en fauna;
vi. het verzamelen of verwijderen van iets dat niet door de bezoeker in het gebied is gebracht;
vii. het verwijderen van afval; en
viii. eventuele vereisten met betrekking tot aan de bevoegde autoriteit uit te brengen verslagen betreffende bezoeken aan het gebied; en
k. bepalingen inzake de omstandigheden waarin de Partijen dienen te trachten informatie uit te wisselen voorafgaand aan de activiteiten die zij voornemens zijn te verrichten.
Vorige artikelen
- Artikel 15 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 1 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 2 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 3 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 4 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
Volgende artikelen
- Artikel 6 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 7 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 8 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 9 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
- Artikel 10 Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica