Art. 33 Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie, Bescherming van personen die aangifte doen
Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie
Elke Staat die partij is, overweegt in zijn nationale rechtsstelsel passende maatregelen op te nemen teneinde elke persoon die te goeder trouw en op redelijke gronden feiten ter kennis brengt van de bevoegde autoriteiten inzake overeenkomstig dit Verdrag strafbaar gestelde feiten, te beschermen tegen elke ongerechtvaardigde behandeling.