Art. 5 VvL, Het verbod van slavernij en dwangarbeid
Verdrag betreffende de Europese Unie (VvL)
De Raad doet tijdens deze besprekingen alles wat in zijn vermogen ligt om, binnen een redelijke tijd en zonder afbreuk te doen aan de dwingende termijnen die door het recht van de Unie worden voorgeschreven, een bevredigende oplossing te vinden om tegemoet te komen aan de bezwaren van de in artikel 4 bedoelde leden van de Raad.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 4 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:301
- Rb. Den Haag 19 maart 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:3694
- HR 12 juli 2024, ECLI:NL:HR:2024:1061
- CBb 19 januari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:4
- ABRvS 30 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2331
- Conclusie A-G Keulen 14 december 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1181
- ABRvS 30 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2332
- Rb. Den Haag 19 maart 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:3696
- Conclusie A-G Keulen 14 december 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1180
- CRvB 30 maart 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW0485
- ABRvS 30 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2333
- ABRvS 30 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2316
- Rb. Den Haag 14 augustus 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:22813
- Rb. Den Haag 19 maart 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:3695
- Conclusie A-G van Hilten 13 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:20
- HR 6 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3221
- Rb. Overijssel 21 maart 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:1115
- Rb. Gelderland 31 oktober 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:9203
- Rb. Den Haag 11 september 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:17704
- Rb. Den Haag 8 november 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:17314