Art. 234 VWEU, HET EUROPEES PARLEMENT
Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)
Wanneer aan het Europees Parlement een motie van afkeuring betreffende het beleid van de Commissie wordt voorgelegd, kan het Europees Parlement zich over deze motie niet eerder uitspreken dan ten minste drie dagen nadat de motie is ingediend en slechts bij openbare stemming.
Indien de motie van afkeuring wordt aangenomen met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte stemmen, welke een meerderheid van de leden van het Europees Parlement vertegenwoordigt, moeten de leden van de Commissie collectief ontslag nemen en moet ook de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid zijn functie in de Commissie neerleggen. Zij blijven in functie en blijven de lopende zaken behartigen totdat overeenkomstig artikel 17 van het Verdrag betreffende de Europese Unie in hun vervanging is voorzien. In dat geval verstrijkt de ambtsperiode van de ter vervanging benoemde Commissieleden op de datum waarop de ambtstermijn van de collectief tot ontslag gedwongen Commissieleden zou zijn verstreken.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 29 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:858
- ABRvS 14 mei 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BD1483
- CBb 27 februari 2013, ECLI:NL:CBB:2013:BZ7144
- ABRvS 11 februari 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BH2564
- ABRvS 16 juli 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BD7368
- ABRvS 19 december 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BC0537
- ABRvS 21 februari 2007, ECLI:NL:RVS:2007:AZ9037
- ABRvS 2 maart 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AO6202
- CBb 24 juni 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BR5057