Art. 22 WTO, Compensatie en schorsing van concessies
Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie (WTO)
1. Compensatie en schorsing van concessies of andere verplichtingen zijn tijdelijke maatregelen die kunnen worden gehanteerd ingeval de aanbevelingen of uitspraken niet binnen een redelijke termijn ten uitvoer worden gelegd. Aan compensatie of aan schorsing van concessies of andere verplichtingen wordt evenwel niet de voorkeur gegeven boven volledige tenuitvoerlegging van een aanbeveling om een maatregel in overeenstemming te brengen met de vermelde overeenkomsten. Compensatie geschiedt vrijwillig en dient, indien toegestaan, in overeenstemming te zijn met de vermelde overeenkomsten.
2. Indien het betrokken Lid de met een vermelde overeenkomst onverenigbaar geachte maatregel daarmee niet in overeenstemming brengt, of anderszins de aanbevelingen en uitspraken niet naleeft binnen de ingevolge artikel 21, derde lid, vastgestelde termijn, gaat dat Lid, indien hierom wordt verzocht, uiterlijk bij het verstrijken van de redelijke termijn onderhandelingen aan met een partij die een beroep heeft gedaan op de procedures voor geschillenbeslechting, teneinde tot een wederzijds aanvaardbare compensatie te komen. Indien binnen twintig dagen na het verstrijken van de redelijke termijn geen bevredigende compensatie is overeengekomen, kan een partij die een beroep op de procedures voor geschillenbeslechting heeft gedaan, verzoeken om een machtiging van het DSB tot schorsing van de toepassing van concessies of andere verplichtingen ingevolge de vermelde overeenkomsten ten aanzien van het betrokken Lid.
3. Wanneer hij nagaat welke concessies of andere verplichtingen kunnen worden geschorst, dient de klager de volgende beginselen en procedures toe te passen:
a. als algemeen beginsel geldt dat de klager eerst dient te trachten concessies of andere verplichtingen te schorsen ten aanzien van dezelfde sector(en) als die waarin het panel of de Beroepsinstantie een schending of andere wijze van tenietdoen of uitholling heeft vastgesteld;
b. indien de klager van mening is dat het niet mogelijk of doeltreffend is concessies of andere verplichtingen te schorsen ten aanzien van dezelfde sectoren, kan hij trachten concessies of andere verplichtingen te schorsen in andere sectoren die onder dezelfde overeenkomst vallen;
c. indien de klager van mening is dat het niet mogelijk of doeltreffend is concessies of andere verplichtingen te schorsen ten aanzien van andere sectoren die onder dezelfde overeenkomst vallen, en dat de omstandigheden ernstig genoeg zijn, kan hij trachten concessies of andere verplichtingen te schorsen in het kader van een andere vermelde overeenkomst;
d. bij de toepassing van bovenstaande beginselen houdt de klager rekening met:
i. de handel, in de sector of in het kader van de overeenkomst, waarin het panel of de Beroepsinstantie een schending of andere wijze van tenietdoen of uitholling heeft vastgesteld, en het belang van die handel voor de klager;
ii. de meer algemene economische factoren die verband houden met de wijze van tenietdoen of uitholling en de meer algemene economische gevolgen van de schorsing van concessies of andere verplichtingen;
e. indien de klager besluit te verzoeken om machtiging tot schorsing van concessies of andere verplichtingen overeenkomstig letter b of c hierboven, vermeldt hij de redenen daarvoor in zijn verzoek. Het verzoek wordt gelijktijdig ingediend bij het DSB en bij de desbetreffende raden, alsmede, in geval van een verzoek ingevolge letter b, bij de desbetreffende sectororganen;
f. voor de toepassing van dit lid wordt onder „sector” verstaan:
i. met betrekking tot goederen, alle goederen;
ii. met betrekking tot diensten, een hoofdsector als genoemd in de huidige „Service Sectoral Classification List” waarin deze sectoren zijn genoemd;1)De lijst in document MTN.GNS/W/120 bevat elf sectoren.De term „arbiter” moet zodanig worden geïnterpreteerd, dat hieronder zowel een persoon als een groep kan worden verstaan.
iii. met betrekking tot de handelsaspecten van de intellectuele eigendom, elk van de categorieën rechten van de intellectuele eigendom vallend onder Titel 1 of Titel 2 of Titel 3 of Titel 4 of Titel 5 of Titel 6 of Titel 7 van Deel II of de verplichtingen ingevolge Deel III of Deel IV van de Overeenkomst inzake de handelsaspecten van de intellectuele eigendom (TRIPS-Overeenkomst);
g. voor de toepassing van dit lid wordt onder „overeenkomst” verstaan:
i. met betrekking tot goederen, de in Bijlage 1A bij de WTO-Overeenkomst genoemde overeenkomsten, in hun totaliteit, alsmede de Plurilaterale Handelsovereenkomsten, voor zover de partijen bij het geschil partij bij die overeenkomsten zijn;
ii. met betrekking tot diensten, de GATS-Overeenkomst;
iii. met betrekking tot de intellectuele eigendom, de TRIPS-Overeenkomst.
4. De mate van de door het DSB gemachtigde schorsing van concessies of andere verplichtingen dient gelijkwaardig te zijn met de mate van het tenietdoen of de uitholling.
5. Het Orgaan voor Geschillenbeslechting verleent geen machtiging voor schorsing van concessies of andere verplichtingen indien een vermelde overeenkomst deze schorsing verbiedt.
6. Wanneer de in het tweede lid beschreven omstandigheden zich voordoen, verleent het DSB, op verzoek, machtiging tot schorsing van concessies of andere verplichtingen binnen dertig dagen na het verstrijken van de redelijke termijn, tenzij het DSB bij consensus besluit het verzoek te verwerpen. Indien het betrokken Lid echter bezwaar maakt tegen de voorgestelde mate van schorsing of beweert dat de in het derde lid genoemde beginselen en procedures niet zijn nageleefd wanneer een klager ingevolge het derde lid, letter b of c, om machtiging tot schorsing van concessies of andere verplichtingen heeft verzocht, wordt de kwestie aan arbitrage onderworpen. De arbitrage geschiedt door het oorspronkelijke panel, indien de leden beschikbaar zijn, of door een door de Directeur-Generaal benoemde arbiter2, en dient binnen zestig dagen na het verstrijken van de redelijke termijn te zijn voltooid. Concessies of andere verplichtingen mogen niet worden geschorst zolang de arbitrage gaande is.2, en dient binnen zestig dagen na het verstrijken van de redelijke termijn te zijn voltooid. Concessies of andere verplichtingen mogen niet worden geschorst zolang de arbitrage gaande is.
7. De ingevolge het zesde lid optredende arbiter2)De term „arbiter” moet zodanig worden geïnterpreteerd, dat hieronder zowel een persoon als een groep kan worden verstaan, alsook de leden van het oorspronkelijke pannel wanneer deze als arbiter optreden. onderzoekt niet de aard van de te schorsen concessies of andere verplichtingen, maar stelt vast of de mate van deze schorsing gelijkwaardig is met de mate van het tenietdoen of de uitholling. De arbiter kan ook vaststellen of de voorgestelde schorsing van concessies of andere verplichtingen krachtens de vermelde overeenkomst is toegestaan. Indien de aan arbitrage onderworpen kwestie echter mede betrekking heeft op een bewering dat de in het derde lid hierboven genoemde beginselen en procedures niet zijn nageleefd, onderzoekt de arbiter deze bewering. Ingeval de arbiter vaststelt dat die beginselen en procedures niet zijn nageleefd, past de klager deze toe in overeenstemming met het derde lid. De partijen aanvaarden de beslissing van de arbiter als onherroepelijk en de betrokken partijen verlangen geen tweede arbitrage. Het DSB wordt onmiddellijk van de beslissing van de arbiter in kennis gesteld en verleent op verzoek machtiging tot schorsing van concessies of andere verplichtingen indien het verzoek verenigbaar is met de beslissing van de arbiter, tenzij het DSB bij consensus besluit het verzoek te verwerpen.
8. De schorsing van concessies of andere verplichtingen is van tijdelijke aard en wordt slechts toegepast totdat de maatregel die in strijd met een vermelde overeenkomst wordt geacht, is opgeheven, of het Lid dat aanbevelingen of uitspraken moet uitvoeren, een oplossing biedt voor het tenietdoen of de uitholling van voordelen, of een wederzijds bevredigende oplossing wordt bereikt. In overeenstemming met artikel 21, zesde lid, blijft het DSB toezien op de tenuitvoerlegging van aangenomen aanbevelingen of uitspraken, met inbegrip van de gevallen waarin compensatie is geboden of concessies of andere verplichtingen zijn geschorst, maar de aanbevelingen om een maatregel met de vermelde overeenkomsten in overeenstemming te brengen, niet zijn uitgevoerd.
9. De bepalingen voor geschillenbeslechting van de vermelde overeenkomsten kunnen worden ingeroepen ten aanzien van maatregelen die de inachtneming daarvan raken, genomen door regionale of plaatselijke overheden of autoriteiten op het grondgebied van een Lid. Wanneer het DSB heeft bepaald dat een bepaling van een vermelde overeenkomst niet in acht is genomen, neemt het verantwoordelijke Lid de redelijke maatregelen die mogelijk zijn om de inachtneming daarvan te waarborgen. De bepalingen van de vermelde overeenkomsten en dit Memorandum van Overeenstemming betreffende compensatie en schorsing van concessies of andere verplichtingen zijn van toepassing in gevallen waarin het niet mogelijk is gebleken bedoelde inachtneming te bewerkstelligen.1)Wanneer de bepalingen van een vermelde overeenkomst betreffende maatregelen genomen door regionale of plaatstelijke overheden of autoriteiten op het grondgebied van een Lid bepalingen bevatten die afwijken van de bepalingen van dit lid, hebben de bepalingen van die vermelde overeenkomst voorrang..
Artikelen die hiernaar verwijzen
- Artikel 2 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
- Artikel 296 Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Moldavië, anderzijds