Art. 26 EVRM, – Alleenzittende rechters, comités, Kamers en Grote Kamer
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM)
1. Ter behandeling van bij het Hof aanhangig gemaakte zaken, houdt het Hof zitting als alleenzittende rechter, in comités van drie rechters, in Kamers van zeven rechters en in een Grote Kamer van zeventien rechters. De Kamers van het Hof stellen comités in voor bepaalde tijd.
2. Op verzoek van het Hof in voltallige vergadering bijeen, kan het Comité van Ministers, bij eenparig besluit, en voor een bepaalde termijn, het aantal rechters van de Kamers beperken tot vijf.
3. Alleenzittende rechters behandelen geen verzoekschriften ingediend tegen de Hoge Verdragsluitende Partij voor welke die rechters zijn gekozen.
4. De rechter die is gekozen voor de betrokken Hoge Verdragsluitende Partij maakt van rechtswege deel uit van de Kamer en de Grote Kamer. In geval van ontstentenis of belet van die rechter, wijst de President van het Hof een persoon van een vooraf door die Partij overgelegde lijst aan om daarin als rechter zitting te hebben.
5. De Grote Kamer bestaat mede uit de President van het Hof, de Vice-Presidenten, de Voorzitters van de Kamers en andere rechters, aangewezen overeenkomstig het reglement van het Hof. Wanneer een zaak op grond van artikel 43 naar de Grote Kamer wordt verwezen, mag een rechter van de Kamer die uitspraak heeft gedaan, geen zitting nemen in de Grote Kamer, met uitzondering van de voorzitter van de Kamer en de rechter die daarin zitting had voor de betrokken Hoge Verdragsluitende Partij.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- EHRM 19 februari 1998, ECLI:CE:ECHR:1998:0219JUD002589494
- ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1908
- EHRM 15 mei 1984, ECLI:CE:ECHR:1984:0515DEC000999082
- EHRM 19 februari 1998, ECLI:CE:ECHR:1998:0219JUD001496789
- EHRM 25 maart 1998, ECLI:CE:ECHR:1998:0325JUD002322494
- EHRM 24 september 1997, ECLI:CE:ECHR:1997:0924JUD001899691
- Rb. 's-Gravenhage 11 juli 2006, ECLI:NL:RBSGR:2006:AY6608
- Rb. Breda 10 juli 2012, ECLI:NL:RBBRE:2012:BX7637
- Conclusie A-G IJZERMAN 27 november 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ7929
- Hof 's-Hertogenbosch 28 november 2023, ECLI:NL:GHSHE:2023:3979
- Hof Amsterdam 1 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5811
- EHRM 2 september 1998, ECLI:CE:ECHR:1998:0902JUD002380794
- EHRM 19 februari 1998, ECLI:CE:ECHR:1998:0219JUD002610295