Art. 3.1 Erfgoedwet, Aanwijzing als rijksmonument
1. Onze Minister kan ambtshalve besluiten een monument of archeologisch monument dat van algemeen belang is vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde aan te wijzen als rijksmonument.
2. Onze Minister vraagt over het besluit advies aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar het monument of archeologisch monument zich bevindt.
3. Onze Minister vraagt over het besluit tevens advies aan gedeputeerde staten indien het monument of archeologisch monument zich bevindt buiten een krachtens de Wegenverkeerswet 1994 vastgestelde bebouwde kom.
4. Onze Minister besluit over aanwijzing van een kerkelijk monument na overleg met de eigenaar.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 8 mei 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1968
- Rb. Oost-Brabant 20 mei 2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:2379
- Rb. Gelderland 23 januari 2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:283
- ABRvS 1 april 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1807
- ABRvS 11 maart 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1395
- Rb. Zeeland-West-Brabant 28 augustus 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:7719
- Rb. Noord-Holland 7 maart 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:2276