Art. 5.4 Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, Overige bepalingen
1. Bij verordening als bedoeld in artikel 2.6.6, eerste lid, van de wet wordt aandacht besteed aan de wijze waarop tariefdifferentiatie wordt bevorderd en wordt geregeld dat de prijs voor een dienst ten minste is gebaseerd op de volgende kostprijselementen:
a. de kosten van de beroepskracht;
b. redelijke overheadkosten;
c. kosten voor niet productieve uren van de beroepskrachten als gevolg van verlof, ziekte, scholing, werkoverleg;
d. reis en opleidingskosten;
e. indexering van de prijs voor het leveren van een dienst; en
f. overige kosten als gevolg van door de gemeente gestelde verplichtingen voor aanbieders waaronder rapportageverplichtingen en administratieve verplichtingen.
2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de indexering, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e.
3. Het eerste lid geldt voor een subsidie slechts voor zover zij wordt verstrekt voor het daadwerkelijk verrichten van diensten voor cliënten en met de subsidie wordt beoogd de te subsidiëren diensten volledig te bekostigen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Drijber 26 februari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:181
- Rb. Midden-Nederland 27 november 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:5180
- Rb. Rotterdam 20 december 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:12645
- Rb. Rotterdam 20 december 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:12644
- Rb. Zeeland-West-Brabant 2 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:777
- Rb. Zeeland-West-Brabant 25 oktober 2021, ECLI:NL:RBZWB:2021:5368
- Rb. Oost-Brabant 21 juli 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:4604
- Rb. Oost-Brabant 31 december 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:6648
- Rb. Oost-Brabant 18 mei 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:1982
- Rb. Oost-Brabant 24 augustus 2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:4608
- Rb. Midden-Nederland 8 mei 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:2797
- Rb. Limburg 20 oktober 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:8150
- Rb. Gelderland 19 oktober 2022, ECLI:NL:RBGEL:2022:6118
- HR 8 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1452
- Hof 's-Hertogenbosch 16 november 2021, ECLI:NL:GHSHE:2021:3419