Art. 1 Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen in de kalkoensector (PPE) 2011, Begripsbepalingen
Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen in de kalkoensector (PPE) 2011
In deze Verordening en de daarop berustende besluiten wordt verstaan onder:
1
kalkoenen
:
pluimvee van de soort meleagris gallopavo, dat wordt opgefokt of gehouden voor de productie van broedeieren of vlees;
2
vermeerderingskalkoenen
:
kalkoenen van 72 uur en ouder bestemd voor de productie van broedeieren die zijn bestemd voor de productie van vleeskalkoenen;
3
fokkalkoenen
:
kalkoenen van 72 uur en ouder bestemd voor de productie van broedeieren die zijn bestemd voor de productie van fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen;
4
vleeskalkoenen
:
kalkoenen van 72 uur en ouder die worden gehouden voor de productie van vlees;
5
broedeieren
:
eieren afkomstig van kalkoenen, bestemd om te worden bebroed;
6
stalkoppel
:
alle kalkoenen met dezelfde gezondheidsstatus die in dezelfde stal of binnen dezelfde uitloopruimte worden geplaatst of gehouden en die een epidemiologische eenheid vormen;
7
kalkoenbedrijf
:
inrichting die wordt gebruikt voor het opfokken, fokken of houden van fokkalkoenen of vleeskalkoenen;
8
fokbedrijf
:
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op de productie van broedeieren, bestemd voor de productie van fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen;
9
vermeerderingsbedrijf
:
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op de productie van broedeieren, bestemd voor de productie van vleeskalkoenen;
10
opfokbedrijf
:
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op het opfokken van fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen tot het voortplantingsstadium;
11
vleeskalkoenbedrijf
:
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op het houden van vleeskalkoenen;
12
kalkoenkuikenbroederij
:
inrichting die wordt gebruikt voor het inleggen en uitbroeden van broedeieren onderscheidenlijk inrichting waarin één of meerdere vorengenoemde handelingen worden verricht;
13
ondernemer
:
een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een kalkoenbedrijf of een kalkoenkuikenbroederij uitoefent;
14
bedrijfsgebouw
:
het gebouw waarin kalkoenen worden gehouden of broedeieren zijn ingelegd en de tot het gebouw behorende voorruimte, stallen en lokalen en, in voorkomend geval, de vrije uitloopruimte;
15
stal
:
een afgesloten ruimte met eigen ventilatievoorziening bedoeld om kalkoenen te houden; Voor kalkoenbedrijven met vrije uitloop zijn openingen noodzakelijk voor de vrije uitloop toegestaan;
16
hygiëneonderzoek
:
een onderzoek uitgevoerd door GD of de ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent naar de hygiënestatus van een kalkoenkuikenbroederij nadat deze is gereinigd en ontsmet;
17
ruimen
:
het op last van de voorzitter verwijderen van kalkoenen van het kalkoenbedrijf of de kalkoenkuikenbroederij en het vervolgens laten doden en vernietigen dan wel verwerken van kalkoenen(vlees);
18
verwerken
:
het zodanig behandelen van broedeieren van een met Salmonella besmet stalkoppel dat de uitschakeling van Salmonella is gewaarborgd overeenkomstig de communautaire wetgeving inzake levensmiddelenhygiëne.
Voor het overige worden de begripsbepalingen van de Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen in pluimveebedrijven en kuikenbroederijen (PPE) 2011 overgenomen.