Art. 4 Regeling digitaal beheer BES
Van elk van de archiefbescheiden dient te allen tijde te kunnen worden vastgesteld:
• a. inhoud, structuur en vorm bij het ontstaan, een en ander zover de inhoud, structuur en vorm kenbaar moesten zijn voor de uitvoering van het bepaalde werkproces;
• b. op welk tijdstip en uit hoofde van welke taak of handeling het door het overheidsorgaan werd ontvangen of opgemaakt;
• c. de samenhang met de andere door het overheidsorgaan ontvangen en opgemaakte archiefbescheiden.