Art. 16e WTU-BES, Ongewenstverklaring

Wet toelating en uitzetting BES (WTU-BES)

1. Onze Minister kan op aanvraag van de vreemdeling besluiten tot opheffing van de ongewenstverklaring.

2. De ongewenstverklaring wordt opgeheven indien de vreemdeling tien jaren onafgebroken buiten de openbare lichamen verblijf heeft gehad en zich in die periode geen van de gronden, bedoeld in artikel 16d, eerste lid, hebben voorgedaan.

3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de toepassing van het eerste en tweede lid en artikel 16d.

Uitspraken die dit artikel aanhalen