Art. 18 Gevangenismaatregel 1999 BES, Voeding

Gevangenismaatregel 1999 BES

1. Indien de gedetineerde uit hoofde van zijn levensovertuiging bijzondere voeding verzoekt aan de directeur, wordt met die wens, voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is, rekening gehouden.

2. De aan het gesticht verbonden arts kan aan bepaalde gedetineerden om gezondheidsredenen dieetvoeding voorschrijven.

3. De directeur draagt er zorg voor dat de dieetvoeding bedoeld in het tweede lid, beschikbaar is en overeenkomstig de aanwijzingen van de aan het gesticht verbonden arts wordt verstrekt.