Art. 865 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES, Rechterlijke bevelen tot betaling
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES
1. Indien de schuldenaar tegenspraak wenst te voeren, dient hij een schriftelijk antwoord in binnen drie weken na de dag der verzending van het afschrift van het verzoekschrift, onder gelijktijdige overlegging van een afschrift van zijn antwoord. De rechter kan deze termijn op verzoek van een der partijen of ambtshalve verlengen.
2. De griffier zendt onverwijld het afschrift van het schriftelijke antwoord aan de schuldeiser, nadat hij het met het oorspronkelijke antwoord heeft vergeleken en het voor gelijkluidend heeft gewaarmerkt. Het oorspronkelijke antwoord blijft ter griffie berusten.