Art. 864 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES, Rechterlijke bevelen tot betaling

Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES

1. De griffier vergelijkt de overgelegde afschriften met het oorspronkelijke verzoekschrift en waarmerkt ze voor gelijkluidend.

2. Het oorspronkelijke verzoekschrift blijft ter griffie berusten.

3. De griffier zendt onverwijld een afschrift van het verzoekschrift aan de schuldenaar. Daarbij voegt hij een kennisgeving, vermeldende de tijd waarbinnen, en de wijze waarop de schuldenaar kan antwoorden, alsmede de rechtsgevolgen, door artikel 866, eerste lid, aan het niet-antwoorden verbonden.

4. De griffier tekent op het verzoekschrift en de drie afschriften de dag der verzending aan.