Art. 5.18.6 Regeling voertuigen, Gebruikseisen
1. De lading of delen daarvan moeten zodanig zijn gezekerd dat deze onder normale verkeerssituaties, waaronder begrepen volle remmingen, plotselinge uitwijkmanoeuvres en slecht wegdek, niet van het voertuig kunnen vallen of de stabiliteit van het voertuig niet in gevaar kunnen brengen. Om hieraan te voldoen moet de lading of delen daarvan zodanig worden vastgezet dat minimaal de volgende versnellings- of vertragingskrachten kunnen worden weerstaan: In aanvulling hierop moet lading zodanig zijn gezekerd dat deze door opwaartse krachten niet van het voertuig kan vallen.
a. in de rijrichting: 0,8 maal het gewicht van de lading;
b. in de zijwaartse richting: 0,5 maal het gewicht van de lading en bij kantelgevaar 0,6 maal het gewicht van de lading;
c. in de achterwaarts richting: 0,5 maal het gewicht van de lading;
2. Losse lading die naar haar aard niet op of aan het voertuig bevestigd kan worden, moet deugdelijk zijn afgedekt indien gevaar of hinder ontstaat of kan ontstaan als gevolg van afvallende of wegwaaiende lading.
3. In afwijking van het eerste lid, moet voertuiggebonden lading, zoals voertuiguitrustingsstukken, voertuiggereedschappen en stuwagemiddelen, zodanig zijn bevestigd dat deze niet van het voertuig kan vallen.
4. In afwijking van het eerste lid, moeten verwisselbare gedragen uitrustingsstukken, afneembare bovenbouwen, gestandaardiseerde laadstructuren en meeneemheftrucks deugdelijk zijn bevestigd met geschikte vastzetsystemen, zekeringssystemen en stuwagemiddelen.
5. Vastzetsystemen, zekeringssystemen, stuwagemiddelen en onderdelen daarvan moeten goed functioneren en geschikt zijn voor het doel waarvoor ze gebruikt worden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof Arnhem-Leeuwarden 26 oktober 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:8654
- Hof Arnhem-Leeuwarden 27 november 2014, ECLI:NL:GHARL:2014:9218
- Rb. Zeeland-West-Brabant 21 mei 2021, ECLI:NL:RBZWB:2021:2502
- Rb. Noord-Nederland 30 januari 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:527
- Rb. Noord-Nederland 4 oktober 2022, ECLI:NL:RBNNE:2022:3517
- Rb. Noord-Nederland 2 oktober 2018, ECLI:NL:RBNNE:2018:3846
- Rb. Noord-Holland 3 mei 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:9260
- Rb. Noord-Holland 8 december 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:12382
- Rb. Limburg 10 december 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:10622
- Hof 's-Hertogenbosch 29 november 2023, ECLI:NL:GHSHE:2023:4000
- Hof 's-Hertogenbosch 13 december 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:4745
- Hof Arnhem-Leeuwarden 16 maart 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:1572
- Hof Arnhem-Leeuwarden 24 februari 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:1055
- Hof Arnhem-Leeuwarden 21 augustus 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:5154
- Hof Arnhem-Leeuwarden 11 maart 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:1725
- Hof Arnhem-Leeuwarden 1 mei 2023, ECLI:NL:GHARL:2023:3638
- Hof Arnhem-Leeuwarden 2 maart 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:1613
- Hof Arnhem-Leeuwarden 7 december 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:11246
- Hof Arnhem-Leeuwarden 29 oktober 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:8848
- Hof Arnhem-Leeuwarden 27 augustus 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:6962