Art. 6 BFD, Bepalingen ter uitvoering de artikelen 26, eerste lid, juncto artikel 100, en 26, tweede lid, van de wet
Besluit financiële dienstverlening (BFD)
1. Een financiële dienstverlener draagt er voor zorg dat de betrouwbaarheid van de werknemers en andere personen die zich onder zijn verantwoordelijkheid rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening, buiten twijfel staat.
2. Een persoon als bedoeld in het eerste lid is betrouwbaar, indien hij een verklaring omtrent het gedrag kan overleggen als bedoeld in de Wet justitiële gegevens en hij voorheen niet failliet is verklaard, tenzij rehabilitatie als bedoeld in artikel 212 van de Faillissementswet heeft plaatsgevonden.