Art. 5a Verordening welzijnsnormen vleeskuikenouderdieren 2003, Voer

Verordening welzijnsnormen vleeskuikenouderdieren 2003

1. Vleeskuikenouderdieren en opfokvleeskuikenouderdieren worden dagelijks voorzien van voldoende voer en water van goede kwaliteit.

2. Onverminderd het eerste lid, hebben minivleeskuikenouderdieren permanent de beschikking over ruwvoer. Onder ruwvoer wordt verstaan: luzerne, snijmaissillage of daarmee vergelijkbaar voer.