Art. 1b Regeling vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten Flora- en faunawet, Algemeen
Regeling vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten Flora- en faunawet
1. Als beschermde inheemse diersoort als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten worden aangewezen de soorten, genoemd in bijlage 1 bij deze regeling.
2. Als dieren als bedoeld in artikel 11, eerste lid, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten worden aangewezen dieren, behorende tot de soorten genoemd in bijlage 2 bij deze regeling.
3. Als dieren als bedoeld in artikel 11, tweede lid, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten worden aangewezen dieren, behorende tot de soorten genoemd in bijlage 3 bij deze regeling.
4. Als beschermde inheemse dier- en plantensoorten als bedoeld in artikel 16b, tweede lid, onderdeel a, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten worden aangewezen de soorten, genoemd in bijlage 4 bij deze regeling.
5. Als diersoorten als bedoeld in artikel 16h, eerste lid, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten worden aangewezen de soorten, genoemd in de bijlagen 5 tot en met 7 bij deze regeling.