Art. 1 Subsidieregeling scholingsimpuls, Algemene bepalingen

Subsidieregeling scholingsimpuls

In deze regeling wordt verstaan onder:

de Minister van Economische Zaken;

een natuurlijke persoon of rechtspersoon, niet zijnde een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, die een onderneming in stand houdt;

een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid, die niet bedrijfsmatig werkzaam is en die blijkens zijn statuten als doel heeft de belangen te behartigen van ondernemers die behoren tot eenzelfde bedrijfstak of een samenhangend deel ervan, met uitzondering van:

1°. een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld en tevens meer dan 20% van zijn inkomsten van overheidswege ontvangt,

2°. een bedrijfslichaam als bedoeld in artikel 66 van de Wet op de bedrijfsorganisatie en een rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam als bedoeld in artikel 110 van die wet,

3°. een rechtspersoon die zich richt op ondernemers die volgens de Bedrijfsclassificatie Standaard Bedrijfsindeling 1993 zijn ingedeeld in de volgende categorieën: 01 Landbouw, jacht en dienstverlening ten behoeve van landbouw en jacht; 02 Bosbouw en dienstverlening ten behoeve van bosbouw; 05 Visserij, kweken van vis en schaaldieren en dienstverlening ten behoeve van visserij;

een samenhangende reeks van activiteiten gericht op:

1°. de ontwikkeling van een innovatief opscholingstraject;

2°. het testen van het onder 1° bedoelde opscholingstraject bij een representatieve groep van ten hoogste 50 werknemers;

3°. het actief overdragen van kennis en ervaring ten aanzien van de activiteiten, bedoeld onder1° en 2°, en de daaruit voortgekomen resultaten, zowel binnen als buiten de branche van de subsidie-ontvanger;

een traject gericht op het verwerven door werknemers van die competenties die benodigd zijn voor een naasthoger opleidings- of functieniveau, tenminste bestaande uit vaststelling en inventarisering van de aanwezige competenties, bepaling van de benodigde competenties en de ontwikkeling van een opleiding.