Art. 46c Wrra, Disciplinaire maatregelen
Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren (Wrra)
Ten aanzien van de rechterlijk ambtenaar kan een disciplinaire maatregel worden opgelegd, indien hij:
a. de waardigheid van het ambt, zijn ambtsbezigheden of zijn ambtsplichten verwaarloost;
b. de bepalingen overtreedt waarbij hem het uitoefenen van een beroep wordt verboden, een vast en voortdurend verblijf wordt aangewezen, verboden wordt zich in een onderhoud of een gesprek in te laten met partijen of haar advocaten of gemachtigden of een bijzondere inlichting of schriftelijk stuk van hen aan te nemen, de verplichting wordt opgelegd een geheim te bewaren of de verplichting wordt opgelegd de functionele autoriteit in kennis te stellen van de betrekkingen die hij buiten zijn ambt vervult; of
c. door zijn handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan de goede gang van zaken bij de rechtspraak of het in haar te stellen vertrouwen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Bleichrodt 13 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:819
- Conclusie 8 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1529
- Conclusie A-G Bleichrodt 13 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:820
- HR 7 juli 2023, ECLI:NL:HR:2023:1019
- Hof Amsterdam 30 september 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:4006
- Rb. Zwolle-Lelystad 19 september 2011, ECLI:NL:RBZLY:2011:BT1848
- HR 13 augustus 2010, ECLI:NL:HR:2010:BN5907
- CRvB 17 juli 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2480